vergrootglas
arrow Ga terug

video
avatar

Doclines NL

15 oktober om 11:28

Brieven van Kees: Hoornse broeders

Hoornse broeders

Dinsdag 11 oktober 2022

Beste Monique,

Jammer, het is niet de trein die ik zo graag op de modelspoorbaan zie rijden. Ik heb weer genoegen moeten nemen met een dubbeldekker en sprinter. Nou, dan koester ik de echte mooie treinen maar in mijn miniatuurspoorwegwereld waar ik heerlijk mijn rijfantasie kan laten gaan.

Dubbeldekker, sprinter of supertrein, als ik maar geheel zelfstandig op de plaats van bestemming kom, in dit geval Hoorn. Hoorn? Helemaal vanuit Velp? Op eigen gelegenheid en met de trein? Ja, naar Hoorn en wel helemaal alleen en in de trein.

Op maandag 10 oktober was het zover. Ik ging naar Hoorn. Een heuse dagtocht waar ik al heel lang naar uit keek. Maar verschillende omstandigheden stelden het plan telkens uit. Er leek niets meer van terecht te komen. En op die 10e oktober was het moment daar om dit unieke, West-Friese stadje eens te gaan bezichtigen. En, ik had een doel. Er wachtte mij al meer dan anderhalf jaar een tekenopdracht van een historisch bouwwerk in Hoorn. Het Statenlogement.

Vorig jaar zou ik voor HandicapNL drie beroemde monumenten van ons land op papier uitwerken. Ik kon een keuze maken uit een lijst van in totaal eenentwintig bouwwerken. Dit in het kader van de Olympische Spelen in Japan, die vorig jaar daar werden gehouden. Men koos als centraal onderwerp het Dutch Village Museum “Huis ten Bosch” in Nagasaki. Daar staan eenentwintig replica’s van Nederlandse monumenten, zoals de Utrechtse Domtoren, Huis ten Bosch en de Waterpoort van Sneek. Maar die replica’s in Nagasaki zijn wel op een iets verkleinde schaal uitgevoerd en verschillen daarmee van het origineel dat zich in ons land bevindt.

Uit de selectielijst van de eenentwintig onderwerpen nam ik de gebouwen die ik naar mijn smaak het mooist vond en plezierig om te tekenen. Ik koos voor Stadhuis Gouda, Scheepvaartmuseum in Amsterdam en Statenlogement in Hoorn. Twee ervan zijn vorig jaar getekend en afgegeven aan de organisatie. Nu nog het Statenlogement. En dan is de drievoudige tekenopdracht voltooid.

Voor de trip was het weer redelijk, al ging het in de loop van de dag wel verslechteren. Het begon droog, maar de bewolking werd in het westen van het land dikker. Echter, voor de bezichtiging van Hoorn leken de wolken nog vrij onschuldig. Beter gezegd, ik vond de omstandigheden ideaal. Geen warmte, geen schel licht die het fotograferen kon bemoeilijken maar ook nog even geen regen. Kortom,  “Expeditie Hoorn” leek probleemloos uitvoerbaar.

Het Statenlogement waarvoor ik deze reis maakte, mag in ons land worden beschouwd als een zeer opmerkelijk gebouw. Uniek zelfs. Het is het enige renaissancehuis met een dubbele trapgevel waar precies in het midden, op de grens van die twee gevels, een vouw zit. Een bolle knik naar buiten. Onderaan die vouw bevindt zich de hoofdingang. Waarom het Statenlogent geknikt is, dat is tot op heden toe onduidelijk gebleven. Maar voldoende stof om er een tekening van te maken, levert het zeer zeker op!

De treinreis naar Hoorn verliep in het algemeen vlekkeloos. Al was er op het station van Utrecht, alwaar ik op een andere trein overstapte, enige minuten vertraging, ik kon alle aansluiting op de verschillende treinen krijgen. Op het station van Utrecht arriveerde een bijzonder lange internationale reizigerstrein. Die bestond uit maar liefst veertien rijtuigen, de zogenaamde Voitures à Couchettes. Ligrijtuigen dus. Overdag zit je op je bank en wanneer je wilt gaan slapen, klap je de bank om en wordt het een eenvoudige slaapplaats.

De lange trein kwam helemaal uit Praag. Een triest verhaal schuilde erachter. Want in die trein zaten allemaal Oekraïense vluchtelingen die via Praag naar ons land kwamen in de hoop een veilig heenkomen te vinden. Al zorgde deze speciale dienstregeling voor een kleine vertraging, deze deed echter geen afbreuk aan de doortocht naar Hoorn. Ik vond de lange trein zelfs spectaculair. Ik kon mijn ogen er niet van af houden.

Na Utrecht Centraal had ik nog een fikse rit voor de boeg. Hoorn lag nog ver weg. In totaal duurde de tocht van Velp naar de veelbelovende bestemming twee uur en veertig minuten. Heel pittig, hoor! Tegen 12.00 uur was ik in Hoorn. Ik verliet het station en wandelde naar de oude binnenstad.

Er ontvouwde zich een authentiek Oud-Hollands stadje uit de Gouden Eeuw. Kleine winkeltjes, ondergebracht in meer dan vier eeuwenoude huizen met trapgevels en uitbundige barokornamenten zorgden voor een Anton Pieck-achtige sfeer. Een aantal helde met hun gevel voorover en benadrukte daarmee de ouderdom van het plaatsje. Beeldengroepen, bloemen en wapens met vergulde leeuwen met eronder een prachtig gekalligrafeerde 16e eeuwse tekst vol wijsheid, sierden iedere straat.

En om extra te kunnen genieten van de stadswandeling, nam ik in een brasserie aan de Gedempte Turfhaven koffie. Helaas vond ik de koffie niet direct lekker. Slappe boel. Daarbij een plakje lemon-pop-cake om de bittere smaak goed te maken. Toen ik af wilde rekenen schrok ik van de prijs. Wat was deze tent duur!

In de hoop van de schrik te bekomen, besloot ik een bekende Hoornse bakkerij binnen te lopen. Immers, geen bezoek aan Hoorn zonder thuiskomst met de beroemde Hoornse Broeder. Ik kwam terecht in een echt ouderwets uitziend bakkerijtje. Heel klein en alles van hout en mooi gelambriseerd. Achter de toonbank stond een wat oudere dame. Ik vroeg haar of zij Hoornse Broeders verkocht. Die waren er. Groot en klein. Ik bekeek de Hoornse Broeder. Die zag er niet bepaald aantrekkelijk uit. Het baksel voelde erg zacht aan, ik zag er geen rozijnen in zitten hetgeen anders wel hoort, en de afmeting kon mij niet bekoren. De grote versie van Hoornse Broeder vond ik niet echt groot. De kleine Broeder had dezelfde afmeting als een gewone krentenbol.

Ik vroeg wat de prijs was. Negen euro, hoorde ik de bakkersvrouw ijskoud zeggen. Wat? Negen Euro? Zoveel? Ja, negen Euro en de kleine Hoornse Broeder 6 Euro. Hoe durfde men in die winkel! Ik wilde weten wat erin zat. De bakkersvrouw zocht het op maar ik merkte dat dát te lang ging duren omdat zij allerlei boeken tevoorschijn moest halen om het op te zoeken. En de bakkersvrouw snufte. Tevens vond ik haar niet echt vriendelijk. Zij keek me met een enigszins stroef gezicht aan. Geen lachje kwam er van af!

Ik liet de Hoornse Broeder maar voor wat-ie was en liep de winkel uit. Overigens, wie een echte lekkere Hoornse Broeder in huis wil nemen, raad ik aan er een te kopen bij Bakkerij Niek Kaptein in Wassenaar, aan de Windlustweg. Groot, stevig en vol mooie ingrediënten.

In plaats van de Broeder te kopen deed ik er goed aan mooie huizen te gaan zien. En die stonden er volop! Ik kwam ogen tekort! De afstanden in Hoorn waren niet groot. Voor ik het wist, zag ik de kenmerkende, geknikte dubbelgevel van Het Statenlogement oprijzen, aan de Nieuwestraat. Even later stond ik recht voor Het Statenlogement. Het onderwerp dat ik zou gaan tekenen. Ik bekeek het aandachtig en nam vele foto’s van het gebouw.

Wat een prachtig monument, dacht ik. Zo decoratief en elegant. En alle versieringen in evenwicht met elkaar. Een uitdaging om het bouwwerk straks te gaan tekenen. Het leek me overigens niet makkelijk om het op papier te zetten, met al dat fijne metselwerk en de ornamenten die om veel precisiewerk zouden vragen.

Nadat ik Statenlogement had bestudeerd en gefotografeerd, trok ik naar het oude plein van Hoorn. Langs de Grote Kerk en De Oude Waag liep ik naar Roode Steen. Met het West-Fries Museum en in het midden het standbeeld van Jan Pieterszoon Coen. Ik bleef kijken en foto’s maken. Intussen slenterde ik door, richting Grote Oost Italiaanse Zeedijk, Korenmarkt, Grote Oost, Appelhaven tot aan de punt van Hoorn. Onderweg genoot ik van de historische schoonheid. En het was doodstil in de oude kern. Lekker autovrij.

Uiteindelijk kwam ik aan op een bekende plek van Hoorn. Het Hoofd en de Oude Doelenkade aan de Binnenhaven. Het boegbeeld van het stadje. Het Hoofd was een halfronde toren die de skyline van Hoorn markeerde.  Daarachter prijkte aan de binnenhaven een rij voormalige koopmanshuizen met hun sierlijke benedenverdieping die uit talrijke kleine vensters en fijnmazig houtwerk bestond. De woonboten die daar aan wal lagen, completeerden de skyline. Ik liep op een lange pier van waaruit ik riant uitzicht had op de haven.

Het was rustig op de pier. Geen mensen. Ik besloot om op een bankje te gaan zitten en uit te rusten. Ik nam mijn lunch die ik thuis voor vertrek had klaargemaakt. In alle stilte kon ik genieten van mijn broodjes. De lunch gaf mij genoeg energie om de stadswandeling te vervolgen. Aan de Nieuwdam hoorde ik opeens mijn naam hardop zeggen. Ik werd herkend door een echte inwoner van Hoorn. Een man, die zich voorstelde als Henk Groot. Zeer levendig, spontaan en vol belangstelling. Henk Groot bleek mij te kennen van de televisie. Ik had een geanimeerd gesprek met hem.

Henk was niet de enige in Hoorn die mij herkende. Ik werd op nog meer plekken door mensen aangesproken. Gelukkig wel op bijzonder vriendelijke wijze. Ik vond iedereen in Hoorn echt aardig overkomen. Overal ben je welkom en ze zien je graag verschijnen als bezoeker van de stad. De bewoners van Hoorn zijn trots op hun erfgoed. Hoorn moet dan ook altijd worden gekoesterd en in oude luister bewaard blijven.

Ik liep nog vele oude kades en straten af, waaronder de Slapershaven, Grote Oost en Korte Achterstraat. Hoezeer ik ook mijn hart ophaalde aan de sfeer en charme in Hoorn en hoezeer het ook gevoelens opriep van nostalgie, de hemel wilde ook wat. Donkere wolken pakten zich samen en even later begonnen er druppels te vallen. Het werden er meer. En toen regende het.

In een echt Oud-Hollands eetcafé schuilde ik en nam een cappuccino. Op mijn horloge zag ik dat de tijd voorbij was gevlogen. Ik kon niet te lang in Hoorn blijven want om 13.49 uur vertrok mijn trein voor de terugreis. Die had ik op dat tijdstip gepland. Onder het genot van de koffie geloofde ik dat ik het belangrijkste en mooiste van de stad had bezichtigd. Toen de cappuccino eenmaal op was en alles afgerekend, baande ik in de stromende regen en langs de laatste schilderachtige straatjes mijn weg naar het station. Aan de Spoorstraat kwam ik een grappig hofje tegen. Dat was nou zo verrassend aan dit stadje. Ineens stond je voor iets schilderachtigs dat je niet had verwacht.

Op het station van Hoorn begon de lange, lange reis naar Velp. In maar liefst vier treinen heb ik gezeten, rijdend door hele mooie landschappen en ook door delen die er minder aantrekkelijk uitzagen. Op het laatst vond ik de terugtocht wel erg lang duren. Vooral toen ik in de buurt van het station van Arnhem kwam. Het overstappen in Arnhem kende een fikse wachttijd. Vijfentwintig minuten rondhangen eer de stoptrein naar Velp arriveerde. Eenmaal in de stoptrein telde ik de minuutjes af die wel uren leken te zijn. Eindeloos, die allerlaatste loodjes die zo zwaar wogen. Maar toen ik in Velp uit de trein stapte, kon ik eindelijk mijn fiets pakken en naar huis rijden. Even later, welkom thuis! Missie volbracht! Ik friste me terstond op, dronk een kop verse warme thee en als avondmaal ging ik poffertjes bakken om voor een feestelijke afsluiting te zorgen van deze bijzonder geslaagde dag vol schitterende indrukken.

Hartelijke groeten,

Kees

Hieronder een selectie van de foto’s die Kees ons toestuurde:


Aankomst aan de Binnenhaven


Detail van het Hoofd


Hofje aan de Spoorstraat


Renaissance-huis aan de Kerkstraat

 


Opmerkingen

Alle opmerkingen bekijken

Er zijn nog geen opmerkingen geplaatst.