vergrootglas
arrow Ga terug

video
avatar

Doclines NL

3 juli om 17:49

Broek en Waterland: een gedicht in steen en hout

Kees kijkt zijn ogen uit in Broek en Waterland, een pareltje van een dorp.

Vrijdag 8 juni 2018

Beste Monique,

Vandaag is het zalig uitrusten. Terwijl buiten het water met bakken uit de hemel komt en de lucht aanzienlijk opfrist zit ik heerlijk aan mijn tafel aan een mooi doosje voor nieuwe cd’s te werken. Snijden, vouwen en vastplakken. Het wordt heel mooi.

Gisteren echter, betekende een totaal andere dag dan vandaag.

Al geruime tijd stond een bezoek aan Broek in Waterland in de agenda vastgeprikt. Daar woont een klant die graag zijn huis getekend wil hebben. Hij scheen in een echt historisch huis te wonen, gebouwd en geschilderd in originele Broek-in-Waterlandse stijl. Het plaatsje zelf moest ook zo mooi zijn. Ik wilde het dolgraag zien. Ik merkte dat ik zo’n behoefte had aan een uitje na wekenlang thuis te hebben gezeten.

Echter, om deze wens in vervulling te laten gaan, moest ik er heel wat voor over hebben.

De dag ervoor, woensdag 6 juni, twijfelde ik enorm. Het was vreselijk warm en donderdag zou er onweer komen met mogelijk nog meer warmte.

Maar toen de donderdag eenmaal was aangebroken, viel het ’s ochtends buiten reuze mee. Het was helemaal niet warm en er waren ook nog geen voortekenen van een op handen zijnd onweer. Ik hakte de knoop door: ik zou naar Broek in Waterland gaan.

Ik besloot vroeg te vertrekken en reisde met de trein naar Amsterdam Centraal alwaar ik de bus nam naar Broek in Waterland. De tocht verliep vlekkeloos, maar de coupés waren vol. Zeg maar gerust stampvol. Ik vond het een uitermate pittige opgave om me daarin te moeten begeven. Schuifend, lijf aan lijf met de andere passagiers, zocht ik voor mezelf een geschikt plekje en toen ik er uiteindelijk ééntje vond, ging ik zitten en hield me gedeisd om geen aandacht te trekken.

De omstandigheden pakten helaas toch wel erg lastig uit. Het werd warm in de coupé en her en der hoorde ik mensen luid hun neus ophalen. Het gesnotter was soms heel irritant en ik ergerde me. het lukte me om de kalmte te bewaren.

Ik zocht naar een oplossing voor al dat snottergeluid en zette de koptelefoon van mijn iPod op en luisterde naar mooie liedjes die ik me nog van vroeger herinner. Weg gesnotter!

Nou, hoewel? Vlakbij zat een man die heel erg zat te toeteren, dwars door mijn koptelefoon heen!

Ik stond op en zocht koortsachtig naar een rustiger plekje.

Dat was niet eenvoudig met zoveel treinreizigers! Ik liep zelfs meerdere coupés af, maar ook daar hoorde ik gesnuif met daarbij de schrille stemmen van hele jonge kinderen. Na lang zoeken vond ik uiteindelijk toch nog een stoel, waarin ik rustig de trip kon voortzetten.

Op het Centraal Station van Amsterdam verliet ik de trein en nam de bus naar Broek in Waterland.

Een kwartier later stapte ik daar uit. De halte lag niet ver van de oude dorpskern en daar wachtte mijn klant me op.

Samen gingen we het oude plaatsje bezichtigen. Voordat we dat deden kozen we op een terras in een rustige buurt een tafeltje uit en dronken daar onze koffie. Het was echte Italiaanse koffie met citroentaart.

Intussen klom de zon steeds hoger aan de hemel. Het begon buiten warmer te worden; gelukkig bleef de temperatuur nog net binnen de draaglijke grenzen liggen. Na de koffie gingen we het dorpje bekijken, daarna het huis van mijn klant.

Hij kon boeiend vertellen over de geschiedenis en de bijzondere feiten over dit plaatsje. De persoon Neeltje Pater is in Broek in Waterland een legende geworden. Als laatste overgebleven telg uit een invloedrijke en vermogende VOC-familie vestigde zij zich in het dorp. Zij leefde in de achttiende eeuw en betekende voor Broek in Waterland bijzonder veel. Omdat Neeltje al het kapitaal had geërfd en daarmee schatrijk was geworden, kon zij ervoor zorgen dat er in het dorp belangrijke sociale voorzieningen kwamen. Tevens stichtte zij prachtige koopmanshuizen die in opzichtige kleuren werden geschilderd.

Na Neeltjes dood en in de vroege negentiende eeuw (1800-1830) deed zich een ernstige economische crisis voor waardoor de handel met Amsterdam en de Hanzesteden stagneerde. Het geld raakte op en Broek in Waterland ging failliet. Hierdoor was er geen geld meer om de laatste huizen te schilderen, terwijl deze nog in de grondverf stonden. Mede hierdoor ontstonden in Broek in Waterland de zo karakteristieke ‘grijze gevels’. De felgekleurde huizen, die daar ook voor komen, zijn relieken uit de veel vroegere tijden, dus vóór de crisis van 1800-1830.

Maar in wat voor prachtig openluchtmuseum waande ik me! Het ene straatje was schilderachtiger dan het andere. Idyllische doorkijkjes en binnentuinen maakten het sprookjesachtige tafereel compleet. Dit is uniek! dacht ik. En het was in het oude centrum muisstil. Geen gejakker van haastige automobilisten, geen brommers, niets.

Ik genoot van deze verbazingwekkend mooie schoonheid uit ver vervlogen tijden. Een gedicht in steen en hout.

De bewoners van Broek in Waterland zijn erg zuinig en trots op hun dorp. Ze willen alles zo intact mogelijk houden en het liefst terugbrengen in oorspronkelijk staat. En de Broek-in-Waterlanders vormen een hechte gemeenschap waarbij hulpvaardigheid en solidariteit van grote betekenis zijn.

Mijn klant en ik liepen nog heel wat laantjes af. Ik bleef telkens versteld staan van alle verrassingen die Broek in Waterland in petto had.

Aan het einde van onze rondwandeling kwamen mijn klant en ik aan bij het huis dat ik later zou gaan tekenen.

Dat vormde een bezienswaardigheid op zich. Het interieur was in stijl gerestaureerd met prachtig geschilderde lijsten, bloem-ornamenten, deuren en panelen in fraaie, antieke kleuren en een schouw in vroege barokstijl. Het bijzondere is dat alles geheel is aangepast aan de huidige eisen voor prettig wooncomfort, zowaar een unieke combinatie. Hoe heerlijk leek het me om op díe manier in een oud plaatsje te wonen.

Al keek ik mijn ogen uit, mijn klant had echter een probleem. Zijn jongste dochter was plotseling ziek geworden en had hoge koorts gekregen. Gelukkig had hij een oppas geregeld, die met het meisje nog ergens naar toe kon, waardoor er tijd vrij kwam voor mijn bezoek. Ik bleef niet te lang in zijn huis, omdat de oppas snel zou terugkeren en het meisje naar bed moest. Mijn klant zou verder alle zorg voor haar dragen. Bovendien wilde ik zelf ook vroeg naar huis. Gezien de warmte buiten, leek het me verstandig op tijd te vertrekken om onder nog draaglijke omstandigheden te reizen.

Voordat het zover was, maakte ik buiten foto’s van het huis, op een manier waarop mijn klant het graag getekend wilde hebben. Na het fotograferen gebruikte ik mijn lunch.

Toen ik mijn boterhammen op had, besloot ik de bus van 12.35 uur te nemen richting Amsterdam Centraal Station, alwaar ik op de trein stapte voor de terugreis naar mijn woonplaats.

Nog nagenietend van alle indrukken, die ik in Broek in Waterland had opgedaan, kon ik concluderen dat ik terug kon kijken op een onvergetelijk verblijf. Wat een hoop moois heeft Nederland nog! Veel meer dan ik had gedacht.

Even later, op het Centraal Station pikte ik de trein richting Arnhem-Nijmegen. De terugreis werd zo mogelijk een nog zwaardere beproeving dan de heengaande tocht.

Weliswaar was er dit keer geen vertraging, maar een ongekende volte. En, in de trein werd het benauwd. Stik-benauwd zelfs! De coupés waren nu voller dan ooit tevoren.

Ze puilden uit. We zaten als sardines in een blik. Vreselijk!

Ik transpireerde enorm met om me heen onophoudelijk gesnuif en gesnotter. Zelfs als ik met de headset op naar muziek luisterde, klonken alle geluiden die zich in de trein afspeelden, er dwars door heen.

En zo heb ik deze hele rit moeten afzien.

In Arnhem aangekomen – waar ik moest overstappen op de stoptrein naar Velp – wachtte mij het klapstuk. Op het moment dat ik de sneltrein verliet, sloeg een enorme hitte me in het gezicht.

Ik wist niet wat mij overkwam. Het leek wel een sauna!

Terwijl de hitte steeds erger leek te worden, baande ik me een weg door de mensenmassa om naar het andere perron te komen. Op het tijdschema zag ik dat ik nog een half uur moest wachten. Een half uur? Ja, een half uur. In ondraaglijke hitte. Op het laatst had ik het niet meer.

Intussen vroeg ik me af hoe het kwam dat het hier zo gloeiend heet was. In Broek in Waterland en op het Centraal Station van Amsterdam viel het toch mee?

Toen ik zo de hypermoderne kunststof constructies van station Arnhem bekeek, die het acht jaar geleden had gekregen, zag ik er dat de perrons en overloopbruggen als het ware ingekapseld waren door een overvloed aan plexiglas. Met de zon erop veranderde het station in een verstikkende broeikas. De ontwerpers van het nieuwe stationsgebouw hadden blijkbaar niet erg bij dat euvel stilgestaan.

Een half uur later kon ik de sprinter nemen naar Velp. Eindelijk! Naar huis!

Om 14.45 uur was ik weer thuis.

Uitgeput, bezweet en klef stapte ik mijn woning binnen. Ik was kapot.

Ik besloot onmiddellijk een flinke douche te nemen en schone kleren aan te trekken.

Hoe bar het reizen ook uitpakte, de voldoening van deze missie was groot met vele geslaagde foto’s en een unieke stadswandeling rijker.

De les die ik nu van het reizen heb geleerd, is dat ik de late voorjaars- en zomermaanden beter kan vermijden gezien de grote kans op warme dagen en drukte die van het reizen een uitputtende bedoening kunnen maken. April en de periode eind-augustus tot half oktober zijn eigenlijk veel geschiktere maanden om prettig te kunnen sporen. Daar houd ik me dan ook aan vast.

Hartelijke groeten,

Kees

Opmerkingen

Alle opmerkingen bekijken

Er zijn nog geen opmerkingen geplaatst.